Als je in november naar IJsland gaat, kun je mazzel hebben. Overdag tref je mooi winterweer en ’s avonds zie je het noorderlicht. Of je hebt pech en krijgt te maken met sneeuwval, gure wind en slecht zicht. Ik had dat laatste.
Rotweer dus. Meteen na aankomst reed ik in het donker door een flinke sneeuwbui over een mij onbekende weg zonder straatverlichting naar mijn eerste verblijf. Gelukkig had de auto banden met spikes. Groot licht aan en plankgas!
Geintje. Ik was blij toen ik op de plaats van bestemming aankwam. Pas de volgende ochtend, toen het weer beter was en ik mijn reis vervolgde, zag ik dat je uitkeek op besneeuwde bergen. En ik merkte dat banden met spikes een typisch geluid maken op een wegdek zonder sneeuw of ijs.


Tegen de klok in begon ik aan een rondje IJsland. De ringweg is ruim 1.300 kilometer lang en ook in november goed begaanbaar, in de omgeving is er veel te zien. Bergen, fjorden, meren, watervallen, zee met ruige golven, stranden met zwart zand, bijzondere rotsformaties, gletsjers en uitgestrekte landschappen. Maar ook rendieren, IJslanders (paardenras) en vogels (eindelijk de sneeuwgors gezien, voor de papegaaiduiker zou ik in de zomer terug moeten komen).

De eerste dagen was het weer wisselvallig. Soms scheen de zon, soms regende het hard. Naarmate ik noordelijker kwam, werd de regen steeds meer sneeuw en nam de wind toe. Op weg naar een plaatsje met een naam die ik niet kon uitspreken, kwam ik over een bergweg. Om hier in de mist met stevige wind, stuifsneeuw én sneeuwval tegenop te rijden, was geen pretje en opnieuw voelde ik opluchting toen ik zonder noemenswaardige problemen op de plaats van bestemming aankwam. Lang leve de spikes.
Veelzijdig
De volgende dag was het ineens prachtig weer en terug over diezelfde bergweg zag ik pas hoe mooi het plaatsje met de moeilijke naam aan het water lag, tussen de bergen in het dal. De reis ging verder met wijdse uitzichten over besneeuwde vlaktes, heuvels en bergen. Onderweg luisterde ik naar IJslandse muziek, die net zo veelzijdig kan zijn als het landschap waar ik doorheen reed. Regelmatig stopte ik op een plek waar iets bijzonder te zien was.


In de middag was het al bijna tien graden onder nul en de wind ging dwars door je heen, maar dat droeg juist bij aan het zeer goede winter-in-IJslandgevoel van die dag. ‘s Avonds was het nog kouder, stil, donker maar helder en zag ik veel sterren. In de afgelegen B&B waar ik verbleef, was ik de enige gast en de werkelijk beeldschone gastvrouw had veel belangstelling voor me.
Zo, nu heb ik je aandacht weer. Het hele verhaal klopt, behalve de laatste tien woorden van de vorige alinea.
Lichtshow
Maar goed, toen ik ‘s nachts naar buiten keek, meende ik aan de hemel iets te zien dat er eerder niet was. Met mijn slaperige kop had ik er weinig zin in, maar mezelf moeten verwijten dat ik het niet geprobeerd had, was ook geen optie. Daarom kleedde ik me aan, ging naar buiten en liep door de vrieskou naar een plek waar ik ver kon kijken. En daar zag ik het.
Noorderlicht! Brede, verticale strepen die steeds van vorm veranderden en als ze verdwenen, kwamen er nieuwe voor terug. Een horizontale streep met een groene gloed, die langzaam met een penseel in de lucht leek te worden gezet en daarna allerlei vormen aannam. Ik was zo blij als een kind. Dat had ik met het weer van de dagen ervoor niet meer verwacht. Op het juiste moment was ik op de juiste plek. Ontzéttende mazzelaar. Na drie kwartier was de show voorbij en kon ik enigszins onderkoeld, maar als een tevreden mens verder slapen.
En de foto’s?
Foto’s wil je nu zien. Die heb ik niet. Het leek me zonde om tijd te verspillen aan het maken van amateuristische kiekjes, terwijl zich voor mijn neus iets afspeelde dat ik mogelijk de rest van mijn leven niet weer zou zien.

Na het ontbijt ging de weg via enkele mooie kustroutes verder in zuidwestelijke richting, waar een zeer harde wind stond. Afhankelijk van hoe de auto tijdens een pauze geparkeerd stond, moest je bij het uitstappen het portier stevig vasthouden om te voorkomen dat het daarna twintig meter verderop zou liggen. Of je kreeg het nauwelijks open en als je dan uit de auto ontsnapt was, waaide het met een klap dicht.
Wasstraat
Die avond plaatste ik de auto bij het hotel met de achterkant tegen de wind in. Er waren namelijk flinke buien voorspeld en ik hoopte dat de combinatie storm-slagregen de smerig geworden achterzijde van de auto schoon zou hozen. Dat plan werkte, de volgende dag was het nummerbord weer leesbaar.

De laatste stop op de route was Reykjavík, een kleine maar uitgestrekte stad, die alles heeft wat een stad aantrekkelijk kan maken. Historie, uitgaansgelegenheden, winkels, cultuur, architectuur, levendigheid, noem maar op. En op veel plaatsen kun je gewoon nog gratis parkeren. Een biertje is daarentegen duur, zelfs tijdens happy hour betaal je meer dan de normale prijs in Nederland. Maar ja, je bent niet in een land geweest als je er geen bier hebt gedronken, zeg ik altijd.
Toegift
De volgende avond vloog ik terug. Vanuit het vliegtuig was er noorderlicht zichtbaar, als toegift op een bijzondere reis.




