In de eerste helft van de ochtend arriveer ik in Kuala Lumpur, de hoofdstad van Maleisië. Het openbaar vervoer richting stad is goed georganiseerd, dus ik ben snel bij mijn accommodatie, sterker nog, ik ben te vroeg om mijn kamer in te mogen. Wat doe je in zo’n geval? Dan laat je je spullen ergens achter en ga je de stad in.
Slecht weer met harde wind veroorzaakt veel vertragingen op Schiphol, waardoor ik later die avond mijn aansluitende vlucht van Madrid naar Zuid-Amerika mis. In Spanje is mijn rugzak ook nog zoek, maar na wat rondvragen, ‑bellen en ‑rennen is die weer terecht en word ik midden in de nacht naar een hotel op de luchthaven gebracht. Inclusief nieuw vliegticket en volpension.
Na het welkomstwoordje en de gebruikelijke veiligheidsinstructies klinkt er een gebed door het vliegtuig. Dat heb ik niet eerder meegemaakt, maar bij Saudia Airlines is het een vast onderdeel van elke vlucht, dat net als de uitleg over hoe een zwemvest op te blazen massaal wordt genegeerd. Ik voel me er niets veiliger of onveiliger door tijdens de vliegtocht naar Thailand.
Het record staat op 23 minuten en 48 seconden. Ik heb ruim anderhalf uur nodig voor de Grouse Grind, een parcours dat in 2,5 kilometer via 2.830 traptreden 800 meter stijgt. En bij die treden moet je niet denken aan een mooie, gelijkmatige trap met leuning zoals je die thuis hebt, maar aan onregelmatig geplaatste stenen, planken en balken, met hier en daar een boomwortel. Gelukkig is het verplicht om de gondel terug naar beneden te nemen, want na de klim zit er niet veel kracht meer in mijn benen.
De lange treinreis naar Zagreb gaat deels per hogesnelheidslijn en deels per slaaptrein. Daardoor arriveer ik voor mijn gevoel sneller dan verwacht in de hoofdstad van Kroatië, die een moderne en ontspannen eerste indruk maakt. Het kamertje dat ik gehuurd heb ligt op ruime loopafstand van het station, maar met het mooie, koude weer is dat niet zo erg. En wat een humor trouwens, de titel van dit stuk.
De afgelopen week leerde ik een nieuw Duits woord: geimpft. Ingeënt dus. En ik merkte dat het gemak van betalen met kaart of telefoon nog niet overal is doorgedrongen. Maar gelukkig beleefde ik meer dan alleen een uitbreiding van mijn woordenschat en een noodgedwongen herwaardering van contanten.
En daar stond ik dan, bepakt en bezakt bij de notaris, om met een handtekening de verkoop van mijn huis in Amsterdam definitief te maken en aansluitend op reis te gaan (“Serieus, je gaat hierna meteen weg?”). Inderdaad, alleen nog even mijn fiets in de gracht mieteren en ik ben klaar voor vertrek.







