De bus van Oslo naar Göteborg is comfortabel en niet uitverkocht, wat de rit aangenaam maakt. De Zweedse aankomstplaats blijkt een veel leukere stad dan gedacht, terwijl ik er alleen maar naartoe ben gegaan om een fabriek te bezoeken. Maar wat zeg je nou Bart, een fabriek bezoeken? Je hebt toch niet gesolliciteerd?
Oslo is een rustige en netjes aangeharkte stad. Het is er prachtig voorjaarsweer en ik zie overal woorden die ik nooit eerder heb gezien, maar meteen begrijp. Stasjon, garasje, bakeri, bibliotek, resepsjon, politi. In en rondom het centrum is veel te beleven en ik verheug me erop om meer van Noorwegen te zien.
Als je in november naar IJsland gaat, kun je mazzel hebben. Overdag tref je mooi winterweer en ’s avonds zie je het noorderlicht. Of je hebt pech en krijgt te maken met sneeuwval, gure wind en slecht zicht. Ik had dat laatste.
En daar stond ik dan, bepakt en bezakt bij de notaris, om met een handtekening de verkoop van mijn huis in Amsterdam definitief te maken en aansluitend op reis te gaan (“Serieus, je gaat hierna meteen weg?”). Inderdaad, alleen nog even mijn fiets in de gracht mieteren en ik ben klaar voor vertrek.




